Please rotate your device

Het gebouw rolt al uit de fabriek

Het gebouw rolt al uit de fabriek

FD door Nelleke Trappenburg, 19 mei 2018 (auteursrecht voorbehouden aan het Financieele Dagblad)

De geplande Crossroads-woontorens bij het Amsterdamse station Sloterdijk hebben een bijzondere vorm, omdat ze worden ‘gesplitst’ door het spoor. Maar wat het project uniek maakt, is dat deze bouwwerken grotendeels in de fabriek worden gemaakt. En op termijn kan er zo duurzamer en met minder mankracht gebouwd worden.

‘Dit wordt de hoogste modulair gebouwde toren van Europa’, vertelt architect Roberto Meyer van onder meer het Rotterdamse Centraal Station en het schoenvormige ING House langs de Zuidas. ‘En als we er nog drie verdiepingen bij hadden mogen bouwen, waren we het hoogste modulaire gebouw wereldwijd.’

Modulair betekent dat een gebouw in delen, oftewel modules, wordt voor gefabriceerd en op de bouwplaats eigenlijk alleen nog in elkaar gezet hoeft te worden. De vergelijking met legosteentjes wordt vaak gemaakt. De steentjes passen perfect op elkaar, waardoor een gebouw eenvoudig gebouwd kan worden, maar ook gemakkelijker aangepast kan worden of uit elkaar kan worden gehaald als dat nodig is.

Impressie van de nog te bouwen Crossroads-torens bij station Amsterdam Sloterdijk. De modules worden voorgefabriceerd, zodat ze op de bouwplaats alleen nog in elkaar hoeven te worden gezet.Foto: MVSA Architects

Meyer koos volgens eigen zeggen voor deze bouwvariant bij het project Kavel O Crossroads omdat hij hiermee sneller aan de woningvraag kon voldoen, maar wel op een hoogwaardige manier. ‘De bouwtijd wordt enorm verkort en de kwaliteit is heel hoog. Op een gewone bouwplaats kan een stukadoor wel eens een slechte dag hebben, of het kan regenen. Nu komt alles perfect de fabriek uitrollen.’ Daarnaast past modulair bouwen volgens Meyer goed in de huidige tijdgeest: ‘het is zeer duurzaam, omdat alles demonteerbaar is en het geeft bewoners veel flexibiliteit. Een keuken kan bijvoorbeeld gemakkelijk vergroot worden, maar een appartement kan ook in mum van tijd omgebouwd worden tot twee kleinere appartementen.’

De voorgefabriceerde manier van bouwen heeft echter ook één groot nadeel, volgens Meyer, en dat is dat het gebouw er ‘wat modulair’ uit kan zien, oftewel als ‘op elkaar gestapelde doosjes’. Voor een architect is dat geen aspect om gemakkelijk overheen te stappen. Meyer: ‘Het is een uitdaging om er toch een mooi gebouw van te maken, dat over honderd jaar nog steeds mee kan.’ Bij Crossroads knipte hij samen met zijn collega’s van MVSA Architects daarom de gevel als het ware los van het gebouw, dat verder bestaat uit een stalen frame met modules, om er zo toch een eigen stempel op te kunnen drukken.

Volgende zomer gaat de bouw van Crossroads start, maar er moet volgens Meyer nog veel gebeuren. ‘In de hoogte komt modulair nog weinig voor, dus we zijn nu druk aan het overleggen met adviseurs over de akoestiek, brandveiligheid en dergelijke, daarvoor gelden boven de 70 meter andere voorschriften.’ Met modulaire laagbouw heeft hij wel al ervaring. ‘We zijn een paar jaar geleden puur uit fascinatie heel simpel begonnen met vakantiehuisjes. Niet echt ons straatje, want normaal doen we vooral grootschalige bouw. Maar we wilden zien wat je in een fabriek allemaal kunt maken en hoe het werkt.’ MVSA deed onder meer een project met vakantiehuisjes in Zeeland.

Betonnen casco’s

MVSA is niet het enige bedrijf dat gefascineerd is door modulaire bouw of andere vormen van industrieel bouwen. Steeds meer bedrijven zijn hiermee bezig, constateert Leontien de Waal, marktanalist Bouw bij Rabo Real Estate Finance. ‘Er is een sterk toenemende interesse. Het echte modulaire bouwen, zeg maar het legosteentjes bouwen, gebeurt nu nog vooral bij start-ups, maar de gevestigde partijen kijken er ook zeker naar, al is het nog geen gemeengoed. Wel wordt er al veel gedeeltelijk voorgefabriceerd en vervolgens afgemonteerd op de bouwplaats.’

‘Het is een uitdaging om er toch een mooi gebouw van te maken, dat over honderd jaar nog steeds mee kan.’

Bij bouwer Janssen de Jong begonnen ze al in 2012 met het gebruik van betonnen casco’s bij een klein project met vijf woningen in Baarlo. Inmiddels doen ze dat bij 50% van de nieuwbouw, vertelt Sjuul Stappers, manager ontwikkeling & innovatie bij Janssen de Jong. ‘Ook wordt 90% van de daken in de fabriek gemaakt. En we zijn druk aan het kijken of en hoe we huizen volledig kunnen voorfabriceren.’

Volgens Stappers wordt dit industriële bouwen meer noodzaak omdat het personeel op de bouwplaats schaarser wordt. Er zijn momenteel enorme tekorten aan vakmensen. Bouwer BAM zag zich vorige maand genoodzaakt de verbouwing van een voormalige gevangenis in Rotterdam tot appartementencomplex uit te stellen, omdat er niet genoeg mankracht was.

‘Als onderdelen, of hele huizen voorgeproduceerd kunnen worden, heb je veel minder handjes op de bouwplaats nodig’, aldus Stappers. Ook kan bouwen dan sneller en beter. ‘De kwaliteit gaat omhoog omdat er bijvoorbeeld minder kieren en naden zijn, waardoor er minder warmteverlies is en dus minder gestookt hoeft te worden’, aldus Stappers.

Daarnaast kan de modulaire aanpak de bouwkosten drukken, stelt Stappers. ‘Op dit moment is modulair bouwen nog niet per se goedkoper dan het traditionele bouwen. De prijzen bij de leveranciers, zoals de betonbouwers, gaan namelijk omhoog als de vraag stijgt. En doordat de projecten klein en uniek zijn, moeten er relatief veel kosten gemaakt worden.

‘Niemand wil in eenheidsworst wonen’

Bouwbedrijven die modulaire woningen prefabriceren zullen niet snel het woord ‘standaardwoning’ in de mond nemen. Ze benadrukken juist dat er eindeloos veel variatie mogelijk is. Bouwer Dura Vermeer heeft bijvoorbeeld een prefabconcept waar de basis steeds ongeveer hetzelfde is, maar waar verschillende gevels, daken, uitbouwen en dergelijke mogelijk zijn. ‘Niemand wil in huizen wonen die allemaal op elkaar lijken, daarom veranderen we continu de schil’, aldus een woordvoerder.

Het voordeel van de vaste basis is volgens de zegsman dat alles al van tevoren is uitgedokterd. ‘Je hoeft niet meer eindeloos terug naar de tekentafel. We weten precies waar de toiletten moeten zitten en dergelijke. Elke keer als je start met bouwen heb je een goede basis.’ Dura Vermeer was naar eigen zeggen één van de eerste die begon met prefabriceren van woningen. Hun eerste projecten dateren al uit de jaren ’80, maar vooral in de crisisjaren nam hun prefabconcept een vlucht.

Als er echter meer schaal zou komen in de markt, kunnen de prijzen wel 20% tot 30% omlaag’, verwacht Stappers. Hij zou het daarom toejuichen als woningcorporaties hun vraag meer gaan bundelen, zodat er grotere orders ontstaan. ‘Meer standaardisering, kortere doorlooptijden van gemeentelijke procedures en project overstijgende samenwerkingen. Het wordt dan misschien allemaal wat saaier, maar wel goedkoper. Dat lijkt me bij sociale woningbouw niet onbelangrijk.’

Rob van Wingerden, bestuursvoorzitter van bouwbedrijf BAM, riep woningcorporaties onlangs al op om hun tenders voor nieuwbouwwoningen te bundelen, omdat de industrialisatie in de bouw dan een grotere vlucht zou kunnen nemen.

De Waal vindt dat de bouwers zelf ook nog een stap te zetten hebben. ‘Echt modulair bouwen vereist overeenstemming over maatvoering. Door als sector te standaardiseren, maak je demontage en hergebruik van bouwonderdelen gemakkelijker.’ Volgens De Waal is dat belangrijk gezien de duurzame uitdaging waar Nederland voor staat. ‘In 2050 moet de gebouwde omgeving volledig CO₂-neutraal zijn. Alleen als bouwonderdelen gedemonteerd en hoogwaardig hergebruikt kunnen worden, kun je dat bereiken.’

https://fd.nl/morgen/1253788/het-gebouw-rolt-al-uit-de-fabriek

Het gebouw rolt al uit de fabriek